Protocol Sector Cultuureducatie en -participatie

Branchespecifieke aanvullende richtlijnen op het Protocol Sector Cultuureducatie en -participatie

In preambule 5 van het Protocol Sector Cultuureducatie en -participatie, staat dat voor specifieke maatregelen wordt verwezen naar de branchegewijze voorlichting, waar betrokken partijen nadere invulling aan voornoemd protocol geven. Via deze pagina kunt u deze branchspecifieke aanvullingen op het protocol raadplegen.

ATTENTIE

Naar aanleiding van de op 13 oktober 2020 aangekondigde aanscherpingen van de algemene coronamaatregelen valt te concluderen dat er voor (delen van) onze branche weinig verandert. Meer informatie kunt u vinden in de nieuwsflits Gedeeltelijke lockdown: wat betekent dit voor u? van 14 oktober 2020. De informatie op de microsite wordt waar nodig geactualiseerd naar aanleiding van de extra maatregelen die per 14 oktober 2020 in werking zijn getreden. Let bij raadpleging op de laatste wijzigingsdatum van de desbetreffende informatie.

Werkingssfeer

Bij de branchespecifieke uitwerking van deze aanvullende richtlijnen wordt rekening gehouden met organisaties, medewerkers, deelnemers/ cursisten, ouders van (minderjarige) deelnemers/cursisten, als ook het verschil in groepslessen (groot en klein) en individuele lessen. Verder is gekeken naar soorten cultuureducatie: muziekles, theaterles, dansles et cetera en naar samen musiceren in koren en orkesten. Deze branchespecifieke aanvullende richtlijnen worden beschikbaar gemaakt via de website van Stichting Overleg Arbeidsvoorwaarden Kunsteducatie (OAK) en brancheorganisatie Cultuurconnectie, alsmede doorgelinkt vanuit de websites van onder andere KNMO, LKCA en Koornetwerk Nederland.

Werkgroep

De werkgroep is samengesteld uit een afvaardiging van Cultuurconnectie-leden en afgevaardigden van de Kunstenbond, AVV, ArboNed, KNMO, LKCA en Koornetwerk Nederland. Diverse partijen binnen de ‘Werkgroep branchespecifieke aanvulling op het protocol’ hebben de specifieke aanvullingen uitgewerkt, die hebben geresulteerd in de voorliggende aanvullende richtlijnen (zie onderdelen I t/m III).

Werk in uitvoering

De tekst van deze branchespecifieke aanvullende richtlijnen is dynamisch: de verplichtingen en aanwijzingen die het bevat, kunnen en zullen worden aangepast, wanneer nieuwe of gewijzigde richtlijnen van het RIVM, besluiten van de overheid, voortschrijdende inzichten over de risico’s van benoemde doelgroepen en alle in verband daarmee te nemen maatregelen, dit noodzakelijk maken. Gezond verstand en menselijke maat liggen ten grondslag aan zowel het protocol als onderliggende aanvullende richtlijnen. Via een separate pagina houdt Cultuurconnectie eenieder op de hoogte van 'veelgestelde vragen' en de antwoorden die daarop worden geformuleerd. Wij adviseren deze pagina vooral regelmatig te raadplegen of uw vraag wellicht al gesteld is en of de voor u relevante vragen zijn bijgewerkt met nieuwe informatie.

Preambule

  1. Deze richtlijnen gelden voor alle brancheactiviteiten.
  2. De veiligheid van medewerkers, docenten, deelnemers en cursisten staat te allen tijde voorop.
  3. Focus van deze aanvullende richtlijnen is hygiëne- en veiligheidsmaatregelen.
  4. Uitgangspunt is dat de aanvulling helder en hanteerbaar is voor alle organisaties, medewerkers en deelnemers en cursisten.
  5. Voor specifieke maatregelen wordt verwezen naar de branchegewijze voorlichting.
  6. Richtlijnen van het RIVM zijn leidend. Organisaties, medewerkers en deelnemers en cursisten houden zich aan de RIVM-richtlijnen.
  7. Brancheorganisaties, belangenorganisaties en overheid communiceren over de afspraken.

Basisuitgangspunten

  • Volg de algemene richtlijnen van de Rijksoverheid.
  • Stel je voortdurend op de hoogte van nieuwe aanwijzingen en mededelingen van de Rijksoverheid en andere bevoegde instanties, en volg die op.
  • Informeer je over de richtlijnen die voor de cultuursector in den brede gelden via de branchespecieke informatie op de microsite van Cultuurconnectie.

Ten geleide

De door de werkgroep geformuleerde richtlijnen zijn adviezen en vertegenwoordigen derhalve geen bindende voorschriften. De algemeen geldende overheidsmaatregelen blijven te allen tijde leidend. Elke richtlijn is opgesteld door een subwerkgroep en bevat zowel specifieke informatie als mogelijke verwijzing naar algemeen geldende richtlijnen en broninformatie van derden. Om de informatie per richtlijn overzichtelijk te houden, is herhaling van algemene informatie onvermijdelijk. Zoals aangegeven zijn de richtlijnen dynamisch en zullen telkenmale aangepast worden zodra daar aanleiding toe is.

Indeling

De branchespecifieke aanvullende richtlijnen zijn in deze notitie ingedeeld conform indeling en uitwerking van de subwerkgroepen in de ‘Werkgroep branchespecifieke aanvulling op het protocol’, te weten:

  1. Algemeen
  2. 1-op-1 lessen
  3. Groepslessen en -activiteiten (vanaf 3 personen)

N.B. naar aanleiding van de onderstaande aanvullende richtlijnen worden nog regelmatig vragen gesteld. Deze vragen en de bijbehorende (voorlopige) beantwoording hebben wij ondergebracht op een pagina 'veelgestelde vragen'. Cultuurconnectie adviseert u die pagina regelmatig te raadplegen voor eventuele updates of om te kijken of uw vraag wellicht al gesteld is.

I. Algemeen

Uitgangspunten

De ‘Werkgroep branchespecifieke aanvulling op het protocol’ adviseert conform onderstaand, zoals door betreffende subwerkgroep is uitgewerkt.

Uitgangspunten voor deze richtlijn:

  • gezond verstand en menselijke maat liggen ten grondslag aan deze richtlijn;
  • maatregelen worden op hoofdlijnen geduid. Details worden zoveel mogelijk overgelaten aan de praktijk;
  • branchespecifieke maatregelen uit het protocol worden getoetst aan de algemeen geldende maatregelen;
  • de richtlijn is eenvoudig, veilig en werkbaar.

De ‘Werkgroep branchespecifieke aanvulling op het protocol’ heeft aangegeven het Protocol Sector Cultuureducatie en -Participatie, zowel voor individuele als groepslessen te onderschrijven.

Item laatst gewijzigd: 25-06-2020

Maximale bezetting gebouwen (binnenruimte)

Vanaf 1 juli 2020 gelden de volgende regels voor de binnenruimte:
N.B. Vanaf 1 juli zijn nog twee categorieën voor (culturele) activiteiten: activiteiten binnen en activiteiten buiten. Voor elk van deze twee categorieën zijn de basisregels zo algemeen mogelijk. De basisregels voor iedereen blijven hierbij gelden.

Algemene regels voor activiteiten in binnenruimten:

  • Iedereen van 18 jaar en ouder houdt 1,5 meter afstand tot personen van 18 jaar en ouder.
    N.B Vanaf 3 personen kan er worden gehandhaafd op die 1,5 meter;
  • Maximaal 100 personen per ruimte met vaste zitplaatsen (exclusief personeel), met inachtneming van 1,5 meter afstand;
  • Geen maximumaantal personen onder de volgende voorwaarden: vaste zitplaatsen, reservering, gezondheidscheck* vooraf en inachtneming van 1,5 meter afstand;
  • Voor samenkomsten in binnenruimtes waar men vooral doorheen loopt (zoals musea en verzamelgebouwen), geldt geen maximumaantal personen. Wel nemen beheerders maatregelen om ervoor te zorgen dat het niet te druk wordt en blijft 1,5 meter afstand ook hier de regel.

* het uitvoeren van een gezondheidscheck (ook wel: ‘check-gesprek’) is onderdeel van de richtlijnen van het RIVM bij klantcontact in contactberoepen. Meer informatie via: https://www.rivm.nl/documenten/gezondheidscheck-contactberoepen-0 

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Maximale bezetting openlucht (buitenruimte)

Op 1 juli 2020 zijn de nieuwe coronamaatregelen in werking getreden. Hierbij is een verbijzondering aangebracht voor activiteiten in de buitenlucht (buitenruimte). Met het ontbreken van specificaties/criteria om de buitenruimte te definiëren, gaat het in het kader van deze richtlijnen om samenscholingen en/of gecoördineerde groepsactiviteiten in de buitenlucht. Voor activiteiten in de buitenruimte (buitenlucht) gelden de volgende algemene regels:

  • Iedereen van 18 jaar en ouder houdt 1,5 meter afstand tot personen van 18 jaar en ouder.
    N.B Vanaf 3 personen kan er worden gehandhaafd op die 1,5 meter.
  • Maximaal 250 personen (exclusief personeel), met inachtneming van 1,5 meter afstand;
  • Het maximum van 250 personen in de buitenruimte kan worden losgelaten onder de volgende voorwaarden: vaste zitplaatsen, een reservering, een gezondheidscheck* vooraf en inachtneming van 1,5 meter afstand;
  • Op buitenlocaties met een doorstroom van bezoekers is 1,5 meter afstand de regel (locaties zorgen zelf voor naleving van deze regel) en geldt er geen maximumaantal personen.

* het uitvoeren van een gezondheidscheck (ook wel: ‘check-gesprek’) is onderdeel van de richtlijnen van het RIVM bij klantcontact in contactberoepen. Meer informatie via: https://www.rivm.nl/documenten/gezondheidscheck-contactberoepen-0 

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Specificaties 1,5 meter afstand

Het bewaren van 1,5 meter afstand is een leidend criterium in het openbare leven en van toepassing bij het bepalen van maximale bezetting van binnen- en buitenruimten:

  • Iedereen van 18 jaar en ouder houdt 1,5 meter afstand tot personen van 18 jaar en ouder.
    N.B. Vanaf 3 personen kan er worden gehandhaafd op die 1,5 meter;
  • Kinderen tot en met 12 jaar hoeven onderling en tot volwassenen geen afstand te houden;
  • Ook jongeren tot 18 jaar hoeven onderling geen 1,5 meter afstand te houden.
    N.B. Dit geldt ook op de middelbare scholen, die na de zomervakantie weer volledig opengaan.
  • De 1,5 meter tussen leerling en onderwijspersoneel blijft wel van kracht.


Uitzonderingen
De regel is weliswaar dat iedereen van 18 jaar en ouder 1,5 meter afstand houdt, maar in sommige situaties is dat niet mogelijk en mag de 1,5 meter tijdelijk worden losgelaten. Het gaat om:

  • mensen die tot 1 huishouden horen;
  • contact tussen hulpbehoevenden en hun begeleiders;
  • mensen met contactberoepen (zoals kappers, masseurs en rij-instructeurs);
  • acteurs, dansers en sporters (binnen en buiten).

Nadere informatie over de 1,5 meter afstand regel is te vinden op de website van de Rijksoverheid: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid-19/openbaar-en-dagelijks-leven/afstand-houden 

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Ventilatie en luchtkwaliteit

CO2 en luchtkwaliteit
Ventileren in afgesloten ruimten (kantoren, klaslokalen en andere verblijfsruimten waar geen ramen open kunnen) is van groot belang. Bij een goede doorstroom van verse lucht halveert de hoeveelheid vervuilde lucht binnen enkele seconden. Goed ventileren van een ruimte kan al door ramen en deuren open te zetten of de ventilatie installatie (indien aanwezig) in zijn maximale stand te laten draaien. Voorgaande leidt niet alleen tot een daling van het CO2-gehalte van de binnenlucht, maar ook van de concentraties van andere verontreinigingen (e.g. lichaamsgeuren, ziektekiemen, allergenen, opdwarrelende stofdeeltjes, emissies uit stoffering, materialen en apparatuur). Indien mogelijk moet de verse luchttoevoer opgevoerd worden ten opzichte van de normale situatie zonder dat er tochtklachten ontstaan. Tevens is een mogelijkheid om in voldoende verse lucht te voorzien door tussen sessies/activiteiten te ‘spuien’. Spuien op natuurlijke wijze kan door ramen en deuren geheel open te zetten. Technisch kan het door de ventilatie installatie in maximale capaciteit te zetten. CO2 waarden zijn een goede, betrouwbare indicatie of een ruimte voldoende geventileerd wordt. CO2 concentraties in de buitenlucht fluctueren in Nederland tussen de 350 en 450 ppm CO2. In gebouwen tref je waarden van 600 – 1.200 ppm CO2; daarmee worden de richtlijnen van het Bouwbesluit 2012 niet overschreden. In slecht geventileerde ruimten, of wanneer er teveel mensen in een ruimte zijn, kunnen de CO2 waarden oplopen van 1.500 tot wel 4.000 ppm. Cognitieve prestaties nemen overigens aanzienlijk af bij dergelijke hoge concentraties CO2; in ruimten met een gemiddelde waarde van 1.400 ppm werd een afname tot wel 50% gemeten. Extra ventilatie is dan dus om méér dan één reden geboden. Een veilige gemiddelde waarde om aan te houden, is een maximum van 800 ppm CO2.


Sommige gebouwen zijn reeds uitgerust met CO2-meters. Er zijn ook losse CO2-meters op de markt en er zijn specialistische bedrijven die desgewenst metingen kunnen uitvoeren en u adviseren over een betere ventilatie. Gebouwen die na circa 1990 zijn opgeleverd, kunnen zijn voorzien van een luchtbehandelingsinstallatie die (deels) gebruik maakt van recirculatie: de binnenlucht wordt dan gefilterd en opnieuw gebruikt. Goede en schone filters zijn dan essentieel. Indien mogelijk zou ook de hoeveelheid te recirculeren lucht teruggebracht kunnen worden door de installatie anders in te stellen. Voor monumenten gelden de regels vanuit het bouwbesluit niet.

Luchtvochtigheid
Kunstmatig de luchtvochtigheid verhogen door middel van losse luchtbevochtigers wordt afgeraden. Dit geldt ook voor luchtbevochtigers geïntegreerd in een luchtbehandelingskast. De meeste standaard airconditioning systemen dragen niet bij aan het verversen van de lucht; deze koelen enkel de reeds aanwezige lucht in een ruimte. Ga na of er in uw huur-/gebruikersovereenkomst normen en afspraken staan over het binnenklimaat en ga indien nodig in gesprek met de verhuurder/eigenaar (‘huisbaas’) over meten, aanpassen, bijstellen en de verdeling van de eventuele kosten die hiermee gemoeid zijn.

Ten geleide: wat is het verschil tussen een luchtbehandelingssysteem en airconditioning?
Een luchtbehandelingssysteem zorgt ervoor dat lucht in een ruimte ververst wordt door de lucht uit de ruimte te halen en te vervangen door (deels) buitenlucht welke nog in het luchtbehandelingssysteem kan zijn verwarmd of gekoeld. Naast dus warme of koude lucht in de ruimte te brengen, brengt een luchtbehandelingssysteem ook verse lucht in een ruimte. Een luchtbehandelingssysteem heeft de benodigde apparatuur meestal in een aparte ruimte staan.

Een standalone airconditioning is een in een ruimte geplaatst apparaat dat gekoppeld is aan een buiten-unit waarmee het systeem zijn warmte afvoert. Een airconditioning-apparaat doet dus niets anders dan lucht uit de ruimte halen en gekoeld (of sommige gevallen verwarmd) terug de ruimte in te blazen. De lucht wordt dus niet ververst of gereinigd, maar alleen gekoeld of verwarmd.

Item laatst gewijzigd: 25-06-2020

Ontvangst en vertrek: brengen en halen van deelnemers/cursisten/leerlingen

Conform ‘Protocol (onderdeel VII) opstart basisonderwijs’ wordt geadviseerd navolgende punten in acht te nemen:

  • Hebben leslokalen eigen buitendeuren? Benut deze dan voor brengen en halen om contactmomenten in centrale binnenruimten te beperken;
  • Heeft de locatie meerdere ingangen? Maak dan helder per in- en uitgang welke leerlingen die in- en/of uitgang gaan gebruiken;
  • Heeft de locatie maar één ingang? Faseer dan de toegang. Dit kan met een bel, maar dit kan ook met vastgestelde tijdstippen;
  • Bepaal vaste plekken voor ontvangst en afscheid nemen;
  • Medewerker(s) staat buiten om halen en brengen in goede banen te leiden.

Item laatst gewijzigd: 25-06-2020

Jassen en kapstokken

Conform ‘Protocol (onderdeel VII) opstart basisonderwijs’ wordt geadviseerd navolgende punten in acht te nemen:

  • Deelnemers/cursisten hangen eigen jas aan achterkant stoel.
  • Deelnemers/cursisten maken gebruik van kapstokken die in meerdere lokalen beschikbaar zijn en vermijden de centrale vestiaire.

Item laatst gewijzigd: 25-06-2020

Gebruik van de personeelskamer

Conform ‘Protocol (onderdeel VII) opstart basisonderwijs’ wordt geadviseerd navolgende punten in acht te nemen:

  • Indien de personeelskamer het toelaat, kunnen docenten/medewerkers met ten minste twee stoelen tussen elke docent/ medewerker de personeelskamer gebruiken.
  • Lunchen in eigen lokaal, na lestijd direct naar huis.
  • Lunch met één andere docent in een lokaal met inachtneming van ten minste 1,5 meter afstand.

Item laatst gewijzigd: 25-06-2020

Roostering en planning

Advies is om vooral ‘ruimte’ te zoeken bij het inroosteren van de lessen, deelnemers/cursisten zoveel mogelijk gespreid op de locatie aan te laten komen en vooraf met deelnemers/cursisten over een alternatieve planning te overleggen indien sprake is van mogelijke corona-gerelateerde ziekteverschijnselen*. Dit alles om ongewenste samenkomst van meerdere personen te vermijden. Een en ander conform het protocol, bepalingen voor organisaties (punten n. o. en p.).

* het uitvoeren van een gezondheidscheck (ook wel: ‘check-gesprek’) is onderdeel van de richtlijnen van het RIVM bij klantcontact in contactberoepen. Meer informatie via deze link.

Item laatst gewijzigd: 19-06-2020

Communicatie

In alle situaties staat een transparante en goede communicatie vanuit de organiserende partij (zowel organisatie als individuele docent) centraal. Het is van essentieel belang om verwachtingen over en weer helder te communiceren met alle betrokken partijen, waaronder medewerkers, docenten, cursisten/deelnemers en ouders/begeleiders van minderjarige cursisten/deelnemers. Belangrijk hierbij is hoe om te gaan met het afzeggen van de les vanwege ziekteverschijnselen door de cursist/deelnemer, het annuleren van de les op locatie vanwege ziekteverschijnselen bij de docent of vanwege een andere oorzaak. Ook is het belangrijk om afspraken te maken over verplaatsing van de les (in tijd of in locatie), vervanging van de les (in tijd of via een digitale wijze) of vergoeding van de les (in financiële of andere zin). Een en ander vanzelfsprekend met inachtneming van de algemene leveringsvoorwaarden van de organiserende partij en het geldende consumentenrecht.

Aansprakelijkheid

Hoewel er in deze teksten en richtlijnen geen nadere invulling wordt gegeven aan juridische aansprakelijkheden en verantwoordelijkheden als opgenomen in het protocol, dient daar wel over te worden nagedacht binnen de organisatie. De kwestie van aansprakelijkheid staat uitvoerig beschreven in het door Stadhouders Advocaten geformuleerde antwoord op veelgestelde vragen over dit onderwerp op de microsite van Cultuurconnectie.

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

II. 1-op-1 lessen

Uitgangspunten

De ‘Werkgroep branchespecifieke aanvulling op het protocol’ adviseert conform onderstaand, zoals door betreffende subwerkgroep is uitgewerkt.

Uitgangspunten voor deze richtlijn:

  • gezond verstand en menselijke maat liggen ten grondslag aan deze richtlijn;
  • maatregelen worden op hoofdlijnen geduid. Details worden zoveel mogelijk overgelaten aan de praktijk;
  • branchespecifieke maatregelen uit het protocol worden getoetst aan de algemeen geldende maatregelen;
  • de richtlijn is eenvoudig, veilig en werkbaar.

Definitie 1-op-1-lessen
1-op-1-lessen zijn alle kunstvaklessen die door een docent tegelijkertijd worden gegeven aan maximaal 1 individuele cursist/deelnemer/leerling en die in de vrije tijd worden aangeboden*.
N.B. * deze definitie heeft geen betrekking op lessen in het regulier onderwijs (PO/VO).

Item laatst gewijzigd: 18-06-2020

Aanvulling op algemene regels

De werkgroep benadrukt nogmaals de algemene maatregelen van het RIVM, conform opgenomen in het protocol en voegt daar het volgende aan toe:

  • Triage/screening: het informeren naar de gezondheidssituatie van de leerling wordt door de docent gedaan. De dag voorafgaand aan de les heeft de docent contact met de leerling, respectievelijk diens ouders/verzorgers, om navraag te doen conform protocol (i.e. 'check-gesprek');
  • Leerlingen, die vanwege medische of leeftijdsredenen in een risicogroep vallen, krijgen wanneer mogelijk online les;
  • Leerlingen die verschijnselen vertonen van mogelijke besmetting met het coronavirus (verkouden, hoesten, snotteren, koorts of hoofdpijn), komen niet in levenden lijve naar de les en krijgen wanneer mogelijk online les;
  • Bij twijfel over de eigen gezondheid geeft de docent, waar mogelijk, de les online;
  • Advies is om duidelijk te communiceren met leerlingen en/of ouders/begeleiders hoe de docent en/of de organisatie omgaat met het wel of geen fysieke les kunnen of mogen volgen en de daaruit voortvloeiende rechten en plichten. Dit om discussie aan de deur van het leslokaal te voorkomen;
  • Ventilatie: zorg voor een goede ventilatie van de te gebruiken ruimte. Raadpleeg voor meer informatie over ventilatie richtlijn I. ‘Algemeen’.

Item laatst gewijzigd: 18-06-2020

Specifieke adviezen

De werkgroep adviseert voor 1-op-1 lessen het volgende:

  • De individuele (instrumentale) les is in beginsel live in het leslokaal, tenzij leerling en docent kiezen voor online;
  • Zowel docent als cursist wassen of desinfecteren de handen bij aanvang van de les;
  • De lessen vinden zoveel mogelijk volgens het vastgestelde rooster plaats, in levenden lijve of online;
  • De docent doet zelf de deur open en dicht om de leerlingen in en uit het lokaal te laten. Leerlingen wachten buiten het lokaal op een afgesproken, eventueel op de grond gemarkeerde, plek;
  • Leerlingen nemen hun eigen instrument mee, behalve als het gaat om slagwerk, piano, elektronische toetsen, harp of contrabas;
  • De instrumenten staan minimaal 1,5 meter van elkaar verwijderd;
  • Voor zang- en blaasinstrumentlessen wordt bij voorkeur voorzien in doorzichtige afscheidingen tussen docent en cursist. Houd in ieder geval ruim afstand (volgens het KNMO protocol bedraagt dit 2 meter, zie link);
  • Blaasinstrumenten dienen vóór de les en na de les thuis schoongemaakt te worden. Ook condenswater moet dus van tevoren thuis verwijderd worden.
  • Het aanraken van instrumenten en onderdelen van instrumenten (e.g. rieten, mondstukken) door de docent gebeurt met wegwerphandschoenen;
  • Condenswater uit (koper)blaasinstrumenten dat in het lokaal terecht komt, wordt door de leerling zelf opgenomen, die daartoe een eigen schone handdoek meeneemt naar de les. Daarna veegt de docent het oppervlak na met een desinfecterend doekje;
  • Elke les begint met het desinfecteren van het instrument: snaren, haakjes, toetsen en andere vlakken die worden aangeraakt. Dat kost enkele ogenblikken/minuten en gaat ten koste van de lestijd, tenzij er afgesproken wordt extra tijd tussen de lessen in te ruimen;
  • Een desinfecterende spray en poetsdoeken moeten in de lesruimte aanwezig zijn;
  • Docenten gebruiken bij voorkeur goed te reinigen instrumenten, bijvoorbeeld met nylonsnaren;
  • De docent is verantwoordelijk voor de gang van zaken in het leslokaal en de organisatie van de situatie buiten het lokaal, met betrekking tot zijn/haar les.

Item laatst gewijzigd: 25-06-2020

III. Groepslessen en -activiteiten (vanaf 3 pers.)

Uitgangspunten

De ‘Werkgroep branchespecifieke aanvulling op het protocol’ adviseert conform onderstaand, zoals door betreffende subwerkgroep is uitgewerkt

Uitgangspunten voor deze richtlijn:

  • gezond verstand en menselijke maat liggen ten grondslag aan deze richtlijn;
  • maatregelen worden op hoofdlijnen geduid. Details worden zoveel mogelijk overgelaten aan de praktijk;
  • branchespecifieke maatregelen uit het protocol worden aan de algemeen geldende maatregelen;
  • de richtlijn is eenvoudig, veilig en werkbaar;
  • voor zover de richtlijn geen uitzonderingen of nadere specificaties bevat, is deze nevenschikkend aan richtlijn I. (Algemeen);
  • de richtlijn bevat adviezen waar men zich bij groepslessen en -activiteiten aan dient te houden, vanaf het moment dat het volgens bevoegde instanties weer is toegestaan deze te hervatten.

Definitie groepslessen
Groepslessen zijn alle kunstvaklessen die door een docent worden gegeven aan groepen van twee of meer leerlingen en die in de vrije tijd worden aangeboden (dit gaat niet over de lessen in het regulier onderwijs).

Definitie groepsactiviteiten
Groepsactiviteiten zijn alle gezamenlijke (culturele) activiteiten van 3 of meer personen. Daaronder zijn begrepen: (1) repetities en uitvoeringen van zangkoren, orkesten/ensembles, dansgroepen, theatergroepen en dergelijke en (2) presentaties van groepen in beeldende disciplines.

Item laatst gewijzigd: 26-06-2020

Overwegingen en alternatieven

Indien de algemeen geldende maatregelen binnen uw situatie toch een onwerkbare beperking opleveren voor de ontplooiing van groepsactiviteiten, neem dan het volgende in overweging:

  • repeteren in deelgroepen (stemgroepen, instrumentgroepen);
  • digitaal repeteren of een combinatie van fysiek en digitaal;
  • buiten repeteren/concerteren/presenteren in plaats van binnen;
  • tijdelijk een groep opsplitsen in deelgroepen;
  • live-streaming van een concert in plaats van live-uitvoering;
  • concertante uitvoering van muziektheater in plaats van theatrale uitvoering;
  • onderzoek de mogelijkheid van een grotere repetitie-/oefenruimte. Bijvoorbeeld: kerkgebouwen, sportaccommodaties, gemeentelijke gebouwen, leegstaande theaters et cetera. Vraag daarbij eventueel hulp van de lokale overheid en andere lokale instanties/ondersteuners;
  • probeer zoveel mogelijk samen - dus ook in afstemming met betrokken professionals en samenwerkingspartners - door de corona-crisis te komen.

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Les-/cursus-/repetitieruimte voor groepen

  • Het maximumaantal personen dat aan een groepsles of -activiteit in een binnen- of buitenruimte deel kan nemen, is afhankelijk van vrij benutbare vloeroppervlakte zodat te allen tijde 1,5 meter afstand bewaard kan worden. De hoeveelheid vrij benutbare vloeroppervlakte is te berekenen door de oppervlakte van eventuele kasten, tafels en ander meubilair van de vloeroppervlakte van de ruimte af te trekken. De beschikbare ruimte is vervolgens in te delen, ofwel in gemarkeerde vakken per deelnemer dan wel in een raster van gelijkzijdige driehoeken waarbij de afstand tussen de posities van deelnemers te allen tijde 1,5m is. De groepsgrootte is echter altijd gebonden aan het geldende maximum aantal personen per binnen- of buitenruimte, zelfs wanneer met inachtneming van de 1,5m afstand de vrij benutbare vloeroppervlakte een grotere groepsgrootte mogelijk zou maken. Raadpleeg hiervoor de informatie in richtlijn I. (Algemeen) met betrekking tot ‘Maximale bezetting gebouwen (binnenruimte)’ en ‘Maximale bezetting gebouwen (buitenruimte)’.
  • Cursisten/leerlingen/deelnemers en docent(en)/groepsleider(s) hebben primair toegang tot de les-/repetitieruimte. Ouders/verzorgers/partners/begeleiders kunnen onder bepaalde voorwaarden ook toegang krijgen behoudens er te allen tijde voldaan kan worden aan de regels t.a.v. maximale bezettingsgraad van binnen- en buitenruimten (raadpleeg hiervoor richtlijn I. (Algemeen) voor de criteria die vanaf 1 juli 2020 gelden). Wanneer aan deze voorwaarden niet kan worden voldaan wachten ouders/verzorgers/partners/begeleiders buiten het gebouw.
  • Zorg voor een goede ventilatie van de te gebruiken ruimte. Raadpleeg voor meer informatie over ventilatie en luchtkwaliteit de richtlijn I. ‘Algemeen’.
  • Werk met de verhuurder/eigenaar van de les-/concert-/repetitieruimte samen in het voldoen aan de daar geldende richtlijnen voor ruimtegebruik, aantal beschikbare plaatsen voor eventuele toeschouwers, afspraken rond hygiëne-maatregelen, looproutes bij binnen komen en verlaten van de locatie, stallen van fietsen, gebruik van toiletten en andere logistieke zaken.

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Algemene maatregelen voor groepen

  • Deurbeleid/triage: de docent of groepsleider informeert vooraf of er gezondheidsklachten zijn die mogelijk op coronabesmetting kunnen duiden (e.g. verkouden, niezen, koorts, hoofdpijn). Een handreiking voor het stellen van controlevragen is te vinden op de website van het RIVM via deze link. Wanneer blijkt dat een leerling/deelnemer deze klacht(en) heeft, kan de desbetreffende leerling/deelnemer niet mee doen aan de groepsles/-activiteit. Ditzelfde geldt uiteraard ook voor de docent van de groepsles of de leider van de groepsactiviteit zelf.
  • Er is een vaste plek voor iedereen in de les-/repetitieruimte. Dit wordt zo mogelijk met duidelijke markeringen aangegeven (zie ook ‘les-/cursus-/repetitieruimte voor groepen’ en de richtlijn I. Algemeen).
  • Cursisten/leerlingen/deelnemers gaan bij voorkeur voorafgaand aan de les/activiteit thuis naar het toilet.
  • Vooraf en achteraf dient de les-/repetitieruimte en gereedschappen/instrumenten gedesinfecteerd te worden. De schoonmaakmiddelen hiervoor zijn in de les-/repetitieruimte aanwezig.
  • Volg de hygiëneaanwijzingen en andere gebruiksvoorwaarden die voor de ruimte gelden.
  • Wijs cursisten/leerlingen/deelnemers (en hun eventuele begeleiders) op de eigen verantwoordelijkheid voor hygiëne en en geef desgewenst aan waar men daarover informatie kan vinden;
  • Culturele verenigingen/groepen dienen een rooster met een heldere taakverdeling voor het gereedmaken en schoon achterlaten van de ruimte op te stellen, voor zover dit niet al door de verhuurder/eigenaar is afgedekt.
  • Deel onderling geen materialen/instrumentarium, beperkt dit tot de direct betrokken gebruiker. Voor zover individueel toegewezen materialen/instrumentarium niet al door de gebruiker(s) mee naar huis worden genomen, dienen deze duidelijk gelabeld te worden met de naam van de gebruiker.

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Leeftijdsafhankelijke maatregelen: leerlingen/deelnemers tot en met 12 jaar

  • Sinds 1 juni 2020 zijn er geen beperkende maatregelen voor het onderlinge contact tussen leerlingen/deelnemers in de leeftijd tot en met 12 jaar tijdens groepslessen/-activiteiten. Deze versoepeling wordt doorgezet in het regime dat vanaf 1 juli 2020 in werking treedt.
    N.B. In geval van niet homogeen samengestelde groepen qua leeftijd, gelden de beperkingen/maatregelen van de desbetreffende leeftijdscategorieën die binnen de totale groep het zwaarst wegend zijn. Dit laatste heeft ook betrekking op de docent/groepsleider.
  • Ouders/verzorgers van leerlingen/deelnemers tot en met 12 jaar wordt gevraagd hen zoveel als mogelijk voorafgaand aan de groepsles/-activiteit thuis naar het toilet te laten gaan.
  • De docent/groepsleider doet zelf de deur open en -dicht om de leerlingen in en uit het lokaal te laten. Leerlingen (en hun eventuele begeleider) wachten buiten het lokaal op een afgesproken - eventueel op de grond gemarkeerde - plek.
  • Geef kinderen een specifieke uitleg van de maatregelen en spreek duidelijk door hoe de ruimte gebruikt gaat worden.
  • Geef aan welke ruimte voor de docent nodig is, baken deze duidelijk af met bijvoorbeeld plakband/tape.

Item laatst gewijzigd: 26-06-2020

Leeftijdsafhankelijke maatregelen: leerlingen/deelnemers van 13 tot 18 jaar

  • Vanaf 1 juli 2020 is het voor deze leeftijdscategorie niet langer noodzakelijk om onderling 1,5 meter afstand te bewaren.
    N.B.1 Bij samenzang gelden voor deze leeftijdscategorie specifieke richtlijnen (zie hieronder, 'Specifieke kenmerken per discipline: Muziek').
    N.B.2 In geval van niet homogeen samengestelde groepen qua leeftijd, gelden de beperkingen/maatregelen van de desbetreffende leeftijdscategorieën die binnen de totale groep het zwaarst wegend zijn. Dit laatste heeft ook betrekking op de docent/groepsleider.
  • Maak duidelijk aan leerlingen/deelnemers onder welke voorwaarden er kan worden gespeeld/gedanst/gewerkt.

Item laatst gewijzigd: 17-08-2020

Leeftijdsafhankelijke maatregelen: volwassenen

  • Voor alle deelnemers aan groepslessen/-activiteiten van 18 jaar en ouder gelden de algemene maatregelen en restricties.
  • Vanwege de grotere risico’s binnen hogere leeftijdscategorieën, is het advies stringentere maatregelen te nemen naar mate de leeftijd van de cursist(en) hoger is: meer ruimte nemen, vaker ventileren, letten op luchtkwaliteit, enzovoorts.
  • Werk maatgericht met personen die tot de risicogroepen behoren, zoals bijvoorbeeld personen met luchtweg- of hartproblemen, diabetici en personen met overgewicht.

Item laatst gewijzigd: 26-06-2020

Specifieke kenmerken per discipline: Beeldende kunsten

  • Tafels en werkbanken zo plaatsen dat de docent met voldoende afstand langs de cursisten kan lopen.
  • Looproutes vaststellen om vergissingen te voorkomen.
  • Oplettendheid en aandacht is nodig voor het gebruik van materialen. Denk hierbij aan:
    - geen gemeenschappelijk gebruik van materialen en gereedschap;
    - gereedschap en materialen vooraf klaarzetten voor elke cursist;
    - desinfecteren gereedschap voor en na de les;
    - werkstukken na afloop mee naar huis of na afloop van de les verzamelen door docent.
  • Vanaf 1 juli 2020 zijn presentaties/exposities voor publiek weer toegestaan. Hierbij gelden naast de basisregels, dezelfde regels als voor andere activiteiten ‘binnen’ of ‘buiten’ (zie richtlijn I. Algemeen).

Item laatst gewijzigd: 26-06-2020

Specifieke kenmerken per discipline: Dans

  • Vanaf 1 juli 2020 is het weer mogelijk om in groepen te dansen in de binnenruimte. 
  • Afhankelijk van welke dansvorm wordt beoefend en hoe intensief deze wordt uitgevoerd, zal meer oppervlakte nodig zijn per leerling.
  • Idem afbakening van de ruimte voor de docent.
  • Overweeg om dansen ‘in de onderste laag’ (vloerwerk) voorlopig te vermijden, in verband met contactbesmetting via de vloer.
  • Omkleden: doe dit bijvoorbeeld thuis al of in de studio, in plaats van in de kleedkamer.
  • Medische zorg bij blessures is alleen toegestaan ingeval deze noodzakelijk is en met inachtneming van hygiëneregels en beschermingsmaatregelen.
  • Vanaf 1 juli 2020 geldt de regel dat wanneer voor bepaalde dansactiviteiten contact wellicht noodzakelijk is, de 1,5 meter alleen bewaard hoeft te worden voor zover dat mogelijk is (zowel professionals als amateurkunstbeoefenaars).
  • Vanaf 1 juli 2020 is het ook weer toegestaan om (dans)wedstrijden met publiek te organiseren. Hierbij gelden naast de basisregels, dezelfde regels als voor andere activiteiten ‘binnen’ of ‘buiten’ (zie richtlijn I. Algemeen).
  • Voor specifieke informatie over dans (en toneel) wordt op termijn ook afstemming gezocht met het protocol dat de Nederlandse Associatie voor Podiumkunsten (NAPK) in ontwikkeling heeft.

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Specifieke kenmerken per discipline: Muziek

  • Cursussen, bijeenkomsten (e.g. repetities) en workshops kunnen weer opgestart worden met in achtneming van de RIVM maatregelen. Let daarbij op de specifieke richtlijnen voor blaasinstrumenten en zang (zie onderstaand).
  • Overweeg het plaatsen van doorzichtige afscheidingen tussen docent/groepsleider en cursist/deelnemer en tussen cursisten/deelnemers onderling.
  • Zorg voor een goed geventileerde ruimte (zie richtlijn I. Algemeen, ‘Ventilatie en luchtkwaliteit’).
  • Instrumenten en meubilair dienen tussen lessen/repetities gedesinfecteerd te worden, condenswater wordt opgevangen en opgeruimd (cursisten nemen zelf handdoek mee en vangen condens op, docent desinfecteert daarna).
  • Bij alle groepslessen/-activiteiten zonder blazers of zangers met deelnemers van 18 jaar en ouder is het voldoende om de voorgeschreven algemene maatregelen van het RIVM aan te houden en 1,5 meter afstand te houden tussen instrumentalisten. Voor groepen met blazers en/of zangers gelden specifieke maatregelen (zie onderstaand).
  • Vanaf 1 juli 2020 is het weer toegestaan om concerten/uitvoeringen met publiek te organiseren. Hierbij gelden naast de basisregels, dezelfde regels als voor andere activiteiten ‘binnen’ of ‘buiten’ (zie richtlijn I. Algemeen), met inachtneming van 1,5 meter afstand en de richtlijnen omtrent maximale bezetting van gebouwen en buitenruimten.
  • Meezingen bij bijvoorbeeld concerten of bij kerkuitvoeringen is niet toegestaan.
  • Groepen blazers (e.g. HaFaBra) - of groepen waaraan blazers deelnemen (e.g. symfonieorkesten, ensembles, bands) - mogen weliswaar weer samenspelen (dat geldt voor zowel repetities als voor uitvoeringen), maar voorwaarde is dat zij hun protocollen hebben aangepast op de laatste inzichten en dat deze met de brancheverenigingen zijn afgestemd. Voor de criteria met betrekking tot het gebruik van de les-/cursus-/repetitieruimte door groepen (met) blazers, verwijst deze richtlijn naar het protocol van de KNMO (beschikbaar via www.knmo.nl/protocol). Het protocol van de KNMO wordt geactualiseerd en aangepast aan eventuele veranderingen in de algemeen geldende richtlijnen/maatregelen.
  • Zangkoren en (amateur)zangers in groepen mogen vanaf 1 juli 2020 weer samen zingen, met inachtneming van de richtlijnen uit het protocol van Koornetwerk Nederland. Dit protocol is goedgekeurd door de Rijksoverheid. Spreekkoren, hard meezingen of schreeuwen in groepsverband is nog niet toegestaan. Voor homogeen samengestelde groepen kinderen/jongeren tot en met 12 jaar gelden vanaf 1 juli 2020 geen beperkende bepalingen meer. Voor de leeftijdscategorie 13 t/m 18 jaar geldt vooralsnog dat met betrekking tot samenzang de richtlijnen uit het protocol van Koorwerk Nederland gevolgd dienen te worden.

Item laatst gewijzigd: 17-08-2020

Specifieke kenmerken per discipline: Theater/Musical

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020

Coördinatie en organisatie

Voor verenigingen/groepen die zelfstandig opereren is het van belang om - los van de richtlijnen en maatregelen die gelden voor gebouwen/locaties/instellingen waar men gebruik van maakt of mee samenwerkt - ook intern maatregelen te treffen. Hiervoor gelden de onderstaande aanvullende adviezen:

  • zorg als vereniging/groep zelf voor een veilige gang van zaken, vanaf het vertrek vanuit huis van leden, tot aan hun thuiskomst;
  • zorg dat alle deelnemers/groepsleden en andere betrokkenen op de hoogte zijn van deze richtlijnen. Stuur deze toe, geef deze telefonisch door en vermeld ze eventueel in de ledenomgeving van een eigen website;
  • wijs een persoon binnen de vereniging/groep aan die toeziet op naleving van alle maatregelen en aanspreekpunt is voor de leden, de verhuurder/eigenaar van locaties, de overheid en andere betrokkenen;
  • informeer 24 uur én kort vóór een groepsactiviteit (e.g. repetitie, concert) de leden met een e-mailbericht over de in acht te nemen richtlijnen bij het samen komen en eventuele wijzigingen.  Herinner er daarbij aan dat iemand die mogelijke corona-gerelateerde ziekteverschijnselen heeft niet naar de repetitie kan komen. Hetzelfde geldt als een huisgenoot dergelijke klachten heeft;
  • ontwerp een maatgericht instroomtraject voor personen met een hoger risico, in het bijzonder ouderen, diabetici en personen met hartproblemen of overgewicht.

Item laatst gewijzigd: 03-07-2020