Enquête Scholing

logo's stichting OAK
Scholing is een belangrijk thema in relatie tot duurzame inzetbaarheid. In de CAO Kunsteducatie is een aantal artikelen opgenomen rondom scholing. Middels deze enquête willen wij meer inzicht krijgen in de toepassing/toepasbaarheid van deze artikelen in de praktijk.

Het invullen van het vragenformulier neemt ongeveer 5-10 minuten in beslag.

Gegevens respondent

Vragenlijst

Vragen over artikel 6:1 – Algemeen 

  1. De werkgever zal scholing van de werknemer stimuleren door met deze werknemer een scholingsinspanning overeen te komen. Deze scholingsinspanning maakt onderdeel uit van de jaarlijkse vaststelling van de taakbelasting.
  2. De werkgever stelt jaarlijks in overleg met de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging een scholingsplan vast en bepaalt het daarvoor benodigde budget. Het scholingsplan is in lijn met een ondernemingsplan.
  3. Onder scholing wordt in het kader van deze cao verstaan:
  • Een opleiding gericht op het uitbreiden en verbeteren van het vakmanschap.
  • Een opleiding gericht op het versterken van de employability van de betrokken werknemer.
  • Een opleiding op basis van de cao Kunsteducatie.
1. Wordt in uw organisatie met medewerkers de scholingsinspanning besproken? *
Bijvoorbeeld bij alle / een deel van de medewerkers, hoe heeft u dit ingeregeld?
2. Maakt u jaarlijks een scholingsplan? *

Vragen over artikel 6:2 - Opleiding op verzoek van werknemer

  1. Een werknemer kan op eigen verzoek in aanmerking komen voor een vergoeding studiekosten, indien hiertoe tijdig voor aanvang van de opleiding schriftelijk een aanvraag wordt ingediend bij de werkgever. Indien de werknemer deze aanvraag ook aan een andere werkgever richt, heeft de werknemer de verplichting daarvan melding te maken.
  2. Indien de werkgever van mening is dat de studie mede in het belang van de organisatie of in het belang van de sector kunsteducatie is, bevestigt de werkgever tijdig voor aanvang van de opleiding schriftelijk aan de werknemer toe welke kosten de werknemer vergoed krijgt.

Vragen over artikel 6:3 - Opleiding op verzoek van werkgever

  1. De werkgever kan een werknemer een aanwijzing geven om een opleiding te volgen als dit naar de mening van de werkgever voor de uitvoering van diens taak nodig is.
  2. De werkgever neemt de kosten van de opleiding volledig voor zijn rekening.
  3. De benodigde tijd voor het volgen van de cursus alsmede de tijd voor examens maakt onderdeel uit van de jaartaakbelasting van de werknemer. Studie-uren worden gerekend tot de werkuren en in de mate waarin de studielast staat genoemd in het curriculum van de studie.

Vragen over artikel 6:5 - Toekomstgericht opleiden

  1. In het kader van toekomstgericht opleiden hebben medewerkers vanaf 1 juli 2015 het recht op een jaarlijks opleidingsbudget van 0,5 % van het feitelijk bruto jaarsalaris. Dit budget wordt maandelijks opgebouwd. Werknemerskunnen in overleg met werkgever een beroep doen op dit opleidingsbudget.
  2. Er geldt een jaarlijkse minimumopbouw van het scholingsbudget van € 250,-.
10. Wordt dit budget ingezet? *
Graag voorbeelden geven, denk hierbij aan branchegerelateerde of niet-branchegerelateerde opleiding/scholing.
Geef ook aan hoe dit inzicht wordt gegeven.
Vul hier uw e-mailadres in om de bevestiging per e-mail te ontvangen.